Een vijftigste verjaardag wordt vaak uitbundig gevierd, al dan niet met een Sarah of Abraham in de tuin. Je hebt al een leven achter je, maar bent nog jong genoeg om plannen voor de toekomst te hebben. In deze serie vragen we vijftigjarigen: waar kom je vandaan? Wat doe je in het dagelijks leven? Welke verwachtingen of ideeën heb je voor de toekomst? Deze keer het portret van de Odette van der Kuil.
‘Ik heb een heel goede jeugd gehad, ben opgegroeid in het ouderlijk huis van mijn vader. We hadden daar heel veel ruimte en veel dieren. Onze ouders vonden het altijd leuk als er vrienden en vriendinnen over de vloer kwamen en bleven slapen. Nadat ik uit huis was zei mijn moeder wel eens dat ze het jammer vond dat daardoor ook mijn vriendinnen niet meer kwamen.’
Sparen, geen schulden
‘Mijn ouders hadden een traditionele rolverdeling. Mijn vader ging werken en zorgde voor het geld, mijn moeder was altijd thuis. In de avonduren ging mijn vader ‘bijbeunen’ als metselaar. Daardoor was er extra inkomen, waar bijvoorbeeld een caravan en later een camper van werd betaald. Wij kregen als boodschap mee: je mag alleen geld lenen om een huis te kopen, voor de rest spaar je. Geen schulden maken. Mijn vader kreeg iedere week van mijn moeder ‘zakgeld’, dat stopte hij in een leren portemonnee die in zijn kontzak zat.’
‘Ondanks dat mijn vader veel weg was om te werken, heb ik nooit zijn afwezigheid gevoeld. Hij nam vrij als we een kinderfeestje hadden en als we gingen sporten ging hij mee. Mijn ouders verwachtten wel dat mijn broer ik in het weekend meehielpen thuis. We kregen geld als we uitgingen. Mijn moeder vond het wel onzin als ik dat besteedde aan een drankje op een terras: je kon toch ook thuis wat drinken.’
Veilige, maar saaie schoolkeuze
‘Als kind wilde ik graag kapster worden. Mijn vader zou dan een salon ‘bouwen’. Maar omdat ik vaak last van mijn rug had, een lichte vorm van scoliose, leek het mijn ouders toch geen goed idee en koos ik voor de meer veilige, maar ook saaie MEAO. Na mijn diploma heb ik nog een intake gedaan voor de HBO opleiding sociaalpedagogische hulpverlening maar ik heb ervoor gekozen om te gaan werken. Mijn ouders zeiden ook: “Ga werken, blijf langer thuis wonen. Dan kun je sparen”.’
‘Mijn dochter liep vorig jaar zes maanden stage en woonde toen niet thuis. Ik ben uiteindelijk vanuit mijn ouderlijk huis gaan samenwonen. Dat had ik achteraf liever anders gedaan. Ook een tijdje op mezelf wonen. Ik ben alleen twee maanden in Schotland geweest voor een stage, maar verder veilig thuisgebleven.’
Bedrijf met veel kansen
‘Na verschillende bijbaantjes was mijn eerste echte baan bij een transportbedrijf. Ik vond het best saai, gewoon op kantoor. Ik stond nog ingeschreven bij een uitzendbureau en daar zag ik een vacature bij een accountantskantoor. Een oom zei: “Daar moet je op solliciteren. Het is een heel goed bedrijf en je kunt daar veel kansen krijgen”. En dat bleek zo te zijn. Na een paar jaar kon ik intern doorstromen. Toen verschillende vestigingen gingen fuseren, begonnen enkele collega’s voor zichzelf en ze vroegen mij mee. Na twee jaar ben ik met een paar uit de groep meegegaan naar een ander accountantskantoor.’
‘In mijn vrije tijd zat ik in het bestuur van Stichting Het Kerstdiner. Via een collega was ik daar ingerold. We organiseerden één keer per jaar een kerstdiner voor mensen die gebruik maakten van de Voedselbank of eenzame ouderen. Dat heb ik jaren gedaan, tot we het in 2024 overdroegen aan de Rotary. Door dat vrijwilligerswerk besefte ik dat ik me niet meer op mijn plek voelde in de zakelijke dienstverlening. Het bedrijf ging bovendien verhuizen en ik vond de nieuwe locatie niet zo plezierig.’
Kanker heeft een grote rol in mijn leven
‘In het voorjaarjaar van 2024 zag ik een vacature bij een woningcorporatie. Dat leek me wel wat. Het opzeggen bij het accountantskantoor vond ik heel moeilijk. Ze hadden me veel kansen geboden. Daarbij kwam dat ik ondertussen gescheiden was en de verantwoordelijkheid voor twee opgroeiende pubers had. Mijn salaris en de arbeidsvoorwaarden waren erg goed. Toch heb ik de sprong gewaagd. In het begin was het wel wennen. Maar ook de woningcorporatie bleek een fijne werkgever: ik kon bijvoorbeeld zorgverlof opnemen toen mijn vader heel ziek werd.’
‘Je hebt soms geluk in je leven en soms heb je pech. Ik heb mijn beide ouders verloren. Mijn moeder werd maar zestig. Na een heel kort ziekbed stierf ze aan kanker. Mijn vader heeft drieëntwintig jaar kanker gehad. Kanker heeft een grote rol in mijn leven, was heel lang aanwezig. Voor de toekomst heb ik geen grote wensen. Ik hoop nog lang gezond en gelukkig te leven, samen met mijn partner en mijn kinderen.’
Lees meer
Eerder verschenen in de serie Vijftigjarigen het portret van Dennis Stakenburg, Mathijs Scholtz, Erik Verweij en dat van Evelien ter Meulen. Andere persoonlijke verhalen: Ellen van Rooij schreef over kanariepietjes en poesiealbums. Thea biechtte op: Ik zie mijn kleinzoon niet meer en Karin de Lange vertelt hoe haar foto’s elk moment bewaren.