Bijna ongemerkt ging een jaar voorbij. Een jaar waarin ik, na 36 jaar samen te hebben gewoond, alleen kwam te wonen. Ik sta in een bekend Nederlands warenhuis waar ooit alles dezelfde prijs had en maak een aandachtige studie van de chocoladeletters, speculaasbrokken en pepernoten. Op de verpakkingen van al dit lekkers én op de vlaggetjes en het inpakpapier is de ‘moderne’ Piet verschenen. Zijn gezicht is groezelig van de schoorsteen en daarom heet hij heel toepasselijk ‘Roetveegpiet’. Snoepgoed en winkel zien er ouderwets feestelijk uit.
In mijn plakboek vól recepten van de afgelopen veertig jaar, bevindt zich het Allerbeste Recept voor pepernoten. Over ‘smaken van vroeger’ gesproken! Mijn dochter schreef het zorgvuldig op toen ze zeven jaar oud was. Je leest het belangrijke er nóg van af; “verdelen we het in vier óf in vijf stukken? En zijn dat dan delen, of stukken?” Alsof ze toen al wist dat haar eigen zoon het ooit nog moest kunnen begrijpen.
Het Sinterklaasjournaal begint
“Pling”, klinkt het in mijn jaszak. Ik haal mijn telefoon tevoorschijn om het bericht van mijn zevenjarige kleinzoon te lezen. “Het Sinterklaasjournaal begint vandaag oma.” “Pling”, meldt zich het volgende bericht: “O – het begint om 18:00 uur. Voor oma Wiette” (gevolgd door maar liefst 200 emoticons) “doeg oma”.De vonk van Sinterklaasfeest is overgeslagen
Ik heb duidelijk een medestander gevonden in mijn grote liefde voor het Sinterklaasfeest. Ik ben dol op dit feest met de malle verkleedpartijen, de moralistische grapjes en de pretentieloze rotzooi van de pakjesavond. Nu de vonk over is geslagen naar mijn kleinzoon zit ik weer voor jaren gebakken! Ik stuur een appje terug: “Kom zaterdag maar pepernoten bakken. Dan eten we ze op terwijl we de intocht van de Sint op televisie kijken.”Het Allerbeste Recept voor pepernoten
In mijn plakboek vól recepten van de afgelopen veertig jaar, bevindt zich het Allerbeste Recept voor pepernoten. Over ‘smaken van vroeger’ gesproken! Mijn dochter schreef het zorgvuldig op toen ze zeven jaar oud was. Je leest het belangrijke er nóg van af; “verdelen we het in vier óf in vijf stukken? En zijn dat dan delen, of stukken?” Alsof ze toen al wist dat haar eigen zoon het ooit nog moest kunnen begrijpen.