Het Amsterdamse Bos behoort tot een van de meest bezochte recreatiegebieden van Nederland. Jaarlijks komen er zo’n 6 miljoen mensen. Dat is minder dan de 10 miljoen die door het Amsterdamse Vondelpark flaneren maar die kunnen daar minder divers recreëren dan in het ‘Bosplan’ dat 22x groter is. Bijna een eeuw oud, is er geen Amsterdammer die het niet kent. Volop jeugdherinneringen dus, ook voor Kees Rooze tijdens een zondagse wandeling.
Laatste bomen in 1970 geplant
Het is al lang geleden dat mijn partner en ik in het Amsterdamse Bos waren. Nu zeggen wij geen Bosplan meer zoals wij vroeger deden, want de aanleg van het park begon in 1934 als een werkgelegenheidsproject. In de jaren ‘30 van de vorige eeuw was er een crisis met hoge werkloosheid. In navolging van de wereldberoemde econoom Keynes werd door de overheid dit project gestart om mensen werk en toekomst te bieden. Pas in 1970 zijn de laatste bomen er geplant.

Zon geeft een mooi effect
Wij zijn laat, deze zondagmiddag in het Amsterdamse Bos. De meeste mensen wandelen dan ook in omgekeerde richting. De zon staat laag en geeft een mooi effect. Het lijkt nog mooier dan vroeger en wij starten onze wandeling bij de boswinkel. Voor de kinderen is richting Grote Speelvijver een beleefpad en voor de kleinste kinderen een kinderbad. Het ziet er allemaal goed onderhouden uit. We redden het niet tot aan de Grote Speelvijver, want het wordt al vroeg donker. Maar alleen de naam roept al herinneringen bij me op.
Jeugdherinneringen op mijn pad
Ik herinner me namelijk nog goed hoe wij op de fiets op jonge leeftijd naar het Amsterdamse Bos fietsten en naar de Grote Speelvijver. Vooral die ene keer, toen het goed mis ging. Ik raakte met mijn stuur tussen de handremmen van de donkerrode Raleigh van mijn moeder.
Wij komen beiden ten val. Mijn moeder is bont en blauw, maar gelukkig heeft ze niets gebroken. De pret is op dat moment wel ver weg en het vooruitzicht van de grote Speelvijver minder zonnig. De Raleigh met het bijzondere stuurslot en mijn fiets zijn echter nog in tact en wij fietsen met wat pijn verder.
Ik heb geen herinnering hoe we die middag aan de Grote Speelvijver hebben beleefd. Wel dat mijn vader bij thuiskomst schrikt van de blauwe plekken van mijn moeder. Hij is boos en dat laat hij in niet mis te verstane woorden duidelijk merken. Maar dat komt, denk ik, meer door ongerustheid.

Duiken voor verkeersagent op verhoging
In die tijd is er nog een zesdaagse werkweek. Mijn vader heeft continudiensten en werkt dan ook regelmatig op zondag. Mijn vriendje van de melkboer die onder ons woont, gaat vaak op zondagmiddag met een groot deel van de familie in de auto naar het Amsterdamse Bos of naar Zandvoort. Niet zelden met z’n achten of meer in de niet al te grote gezinsauto. En soms mag ik mee. Dat betekent bukken als er een agent op een verhoging het verkeer staat te regelen met ouderwetse stopborden. Nu klinkt het ongelooflijk maar ik heb het meegemaakt. Tja, als een gezin uit elf kinderen bestaat….
Vakantie in het Amsterdamse Bos
Een groot deel van de jaren vijftig en zestig-zomers fietsen wij regelmatig naar het Amsterdamse Bos en bijna altijd naar de Grote Speelvijver met de ronde kiosk. Hier kopen wij, wanneer we over een dubbeltje beschikken een dennenkoek. In die tijd is er nog geen kanoverhuur, zoals tegenwoordig. Maar daarvoor zouden we in onze tijd toch geen geld hebben gehad. We gaan zwemmen in de speelvijver en als je dieper gaat, voel je de bodem van plakkerig zuigende modder. Ik ga nog wel eens in natuurplassen zwemmen en nog steeds vind ik het een vies gevoel. Voetballen op de weide is nog een ander vertier. Maar als de bal tegen iemand aankomt, levert dat kwade gezichten van de zonnebadende mensen op.
Zo hebben mijn vrienden en ik ons in onze jonge jaren in het Amsterdamse Bos prima vermaakt. Met roodverbrande lichamen fietsten wij na een zonovergoten dag weer naar huis. Het gevaar voor huidkanker kenden we nog niet.
Drie keer zo groot als Central Parc
Fietsen is naast wandelen nog steeds een goede reden om naar dit prachtige park (want dat is het Amsterdams Bos feitelijk) te gaan. Het Central Parc in New York mag dan bekender zijn maar het Amsterdamse Bos is bijna drie keer zo groot. Een park waarop niet alleen Amsterdammers maar alle Nederlanders trots mogen zijn.
Natuurlijk valt er veel meer over het Amsterdamse Bos te vertellen, bijvoorbeeld over de Olympische Bosbaan, maar het beste is er zelf naartoe te gaan. Op de website van het bijna eeuw oude bos is een zee aan informatie te vinden.
Meer lezen
Het hoogtepunt in het Amsterdamse Bos is als straks in het voorjaar het bloesempark niet alleen veel Japanse bezoekers trekt. Maak dan ook eens een wandeling langs een minder bekend gedeelte van het Amsterdamse Bos bij Amstelveen.
Alle foto’s: ©Kees Rooze